Tit Khun
de verhalen
de spion
Je kunt HIER meer lezen over Tit Khun. Mocht je interesse hebben dan kun je HIER lezen over lestijden en HIER over de kosten. Voor contact met mij kun je HIER klikken.
Meneer Tan vertelde elke les wel verhalen; verhalen die hij weer gehoord had of situaties die hij zelf had meegemaakt. Altijd was er een verband met de uitleg van dat moment.
In deze vertellingen heb ik de oude Kuntao-benamingen intact gelaten, en de namen van de technieken zijn dus -zoals gebruikelijk in het voormalig Nederlandsch-Indië- een mengeling van Nederlands, Chinees en Indonesisch.

De hieronder vertelde verhalen zijn ontleend aan mijn boek 'Tit Khun Pay - annotatie van een krijgsambacht' (ongepubliceerd, 1990). Hierin heb ik -naast een overzicht van de Tit Khun van meneer Tan Eng Ho- alle anecdotes opgetekend die meneer Tan ons vertelde, en aan de hand waarvan wij werden onderwezen in de geschiedenis van deze stijl, maar ook en vooral in de normen en waarden van de traditionele krijgskunstcultuur.
Geheimhouding was (en is nog steeds) een vaardigheid op zich. Essentiële vaardigheden of inzichten worden verborgen door iemand steeds maar weer een nieuwe stijlvorm of weer een andere oefenreeks te leren, of juist gewoonweg helemaal niets. Het volgende verhaal vertelde meneer Tan om te illustreren hoe iemand gestraft wordt met die geheimhouding, en waaróm.
De al eerder genoemde Oey Bie Dian (klik HIER) was duidelijk jaloers op de kwaliteiten van Gouw Gin Hok. Nu had Oey Bie Dian een zoon die, door omstandigheden, een andere familienaam droeg. Dit braht hem op het idee om op deze wijze indirect de beroemde leraar te kunnen bestuderen en bespioneren.
Zeven jaar lang wist Gouw Gin Hok niets van deze familieband tussen zijn leerling en zijn aartsrivaal, maar toen gebeurde het onvermijdelijke: de eerste leerling van Oey Bie Dian liep bij zijn leraar weg en ging bij Gouw Gin Hok in de leer.
Eenmaal bij zijn nieuwe leraar herkende hij natuurlijk meteen de zoon van Oey Bie Dian, maar omdat hij nooit door zijn voormalige leraar was ingelicht over het hoe en waarom vroeg hij spontaan aan Gouw Gin Hok: "Hé, leert hij óók bij u?"
"Wat bedoel je", vroeg Gouw Gin Hok, "ken jij hem dan?"
"Natuurlijk ken ik hem, hij is toch de zoon van Oey Bie Dian!" antwoordde de nieuweling nietsvermoedend.
"Oh",  zei Gouw Gin Hok. Op zijn uitdrukkingsloze gezicht viel, net als anders, niets af te lezen maar inwendig kookte hij van woede.
Na afloop van de les ging hij meteen naar Oey Bie Dian, waar hij tegen uitviel: "Niet om het één of ander hoor, maar dit vind ik achterbaks van je. Jouw zoon mag best bij mij leren maar je moet niet stiekem gaan doen!"
De zoon die fungeerde als spion is daarna nog jaren bij Gouw Gin Hok blijven trainen, maar behalve basis-oefeningen kreeg hij niets meer onderwezen. Geen technieken, geen uitleg. De 'deur was op slot'.