Tit Khun
de verhalen
de geit
Je kunt HIER meer lezen over Tit Khun. Mocht je interesse hebben dan kun je HIER lezen over lestijden en HIER over de kosten. Voor contact met mij kun je HIER klikken.
Meneer Tan vertelde elke les wel verhalen; verhalen die hij weer gehoord had of situaties die hij zelf had meegemaakt. Altijd was er een verband met de uitleg van dat moment.
In deze vertellingen heb ik de oude Kuntao-benamingen intact gelaten, en de namen van de technieken zijn dus -zoals gebruikelijk in het voormalig Nederlandsch-Indië- een mengeling van Nederlands, Chinees en Indonesisch.

De hieronder vertelde verhalen zijn ontleend aan mijn boek 'Tit Khun Pay - annotatie van een krijgsambacht' (ongepubliceerd, 1990). Hierin heb ik -naast een overzicht van de Tit Khun van meneer Tan Eng Ho- alle anecdotes opgetekend die meneer Tan ons vertelde, en aan de hand waarvan wij werden onderwezen in de geschiedenis van deze stijl, maar ook en vooral in de normen en waarden van de traditionele krijgskunstcultuur.
Een grappige anecdote die meneer Tan vertelde om aan te geven dat zelfdiscipline erg belangrijk is als men goed wil worden.
Meneer Tan hamerde elke les weer op zelfdiscipline; het was bij hem erg gemakkelijk om langs de kant te gaan zitten kletsen omdat meneer Tan nooit stond te schreeuwen wat we wanneer moesten doen, nooit opdrachten gaf enzovoorts. "Dit is een les", zei hij dan, "waarbij je de gelegenheid hebt om met anderen te trainen en je training door mij te laten controleren. Maar trainen moet je thuis doen!"
Gedurende de jaren dat hij zelf nog in de leer was bij Gouw Gin Hok werkte Tan Boen Hoey van 's morgens negen tot 's avonds elf uur in een winkel. Pas daarna kon hij zich aan zijn training wijden. Maar Tan Boen Hoey had een ijzeren zelfdiscipline, en het zware leven dat hij leidde kon hem nooit van zijn training afhouden. Niet alleen trainde Tan Boen Hoey hard, hij trainde ook zwaar; en uiteindelijk kon hij met zijn pat kwa-voetbreektechniek volwassen bamboestaken breken!
Toen meneer Tan op zijn beurt in de leer was bij Tan Boen Hoey wilde hij ook een dergelijke kracht verwerven. Nu woonde meneer Tan bij zijn halfzus in en haar man had, volgens de gewoonte van die tijd, een kleine moestuin met daarin onder andere jonge banaanbomen. En die leken meneer Tan uitermate geschikt voor de training van zijn pat kwa-voetbreektechniek...
Toen de heer des huizes de volgende ochtend opstond en uit het raam keek zag hij -ongelofelijk, hoe kon dát nou- dat al zijn banaanboomplantjes waren ontworteld of gebroken! Hij vroeg zijn vrouw of die daar iets van begreep en later, toen deze terugkwam van zijn werk, stelde hij meneer Tan dezelfde vraag. "Och", antwoordde die desgevraagd, "de geit zal het wel hebben gedaan".
Nu was in die tijd de wc in de tuin en het moest er natuurlijk een keer van komen: vroeger dan anders moest meneer Tan's zwager naar het toilet. Wie schetst zijn verbazing toen hij in de moestuin meneer Tan pat kwa zag oefenen op alle -nieuw geplante- banaanboompjes! Meneer Tan stopte verschrikt, maar het enige commentaar dat er kwam luidde: "Oh, ben jíj die geit!"