korte introductie

Tit Khun (dialect van de Chi­nese provin­cie Fujian voor ‘zhi quan’, ‘recht bok­sen’) is een zoge­noemde ‘interne’ kri­jgskun­stschool die oor­spronke­lijk uit Chi­na komt. Zoals het een goede kri­jgskun­stschool betaamt omvat­te het cur­ricu­lum vroeger niet alleen onge­wapend en gewapend vecht­en, maar ook vaardigheid in Chi­nese medici­j­nen.

Tai­ji­quan (‘Tai Chi’), Baguazhang en Xingy­i­quan wor­den alge­meen beschouwd als dé drie interne sti­jlsc­holen. Er zijn er echter veel meer, vee­lal in besloten kring doorgegeven of zelfs hele­maal bin­nen één fam­i­lie gehouden. De sti­jl Tit Khun is daar een voor­beeld van.

Tit Khun is waarschi­jn­lijk ‑via de Chi­nese provin­cie Fujian- van oor­sprong afkom­stig uit de provin­cie Henan. Het toont sterke overeenkom­sten met sti­jlen uit de streek rond Chen­ji­agou (waar Chen-sti­jl Tai Chi van­daan komt), maar dan wel vol­gens héél oude opvat­tin­gen.
Omstreeks 1850 is Tit Khun van Chi­na naar Indone­sië gebracht, waar het in relatief besloten kring werd doorgegeven en ‘Chi­nees’ werd gehouden.

Door de komst naar Indone­sië heeft Tit Khun niet de invloe­den onder­gaan van de ontwik­kelin­gen die in het moed­er­land Chi­na op het gebied van de kri­jgskun­sten wèl speelden: zo is Tit Khun niet meege­gaan in de ontwik­kel­ing naar gezond­hei­d­skun­st of per­for­mance art. Tit Khun is nog steeds de authen­tieke interne kri­jgskun­st die het in 1850 was.

‘Meneer’ Tan Eng Ho, de meester die in 1965 Tit Khun naar Ned­er­land bracht.

V.l.n.r. de Chi­nees-Indone­sis­che Tit Khun-meesters Tji­am Tjeng Soey, zijn laatst aangenomen leer­ling Gouw Gin Hok en diens ‘eerste’ en ’tweede’ leer­ling, Tan Boen Hoey en Thio Seng Peng. Hoewel ‘meneer’ Tan formeel leer­ling was van Gouw Gin Hok zou hij voor­namelijk getraind wor­den door Tan Boen Hoey en Thio Seng Peng.

Tit Khun leent zich niet voor grootschalige ver­sprei­d­ing of pop­u­lar­isatie. De train­in­gen zijn zwaar en ‘old school’ (dwz. niet aangepast voor amuse­mentstrain­ing), het duurt járen voor iemand enige basis­vaardigheid heeft opge­bouwd en het onder­wi­js ver­loopt op indi­vidu­ele basis. Een ler­aar moet zich daar­voor inten­sief richt­en op een beperkt aan­tal leer­lin­gen. Van­daar uit­er­aard dat Tit Khun vooral besloten wordt onder­wezen aan een beperkt aan­tal leer­lin­gen.
‘Meneer’ Tan Eng Ho heeft meerdere leer­lin­gen opgeleid tot grote bek­waamheid; som­mi­gen geven de kun­st door aan een beperkt aan­tal leer­lin­gen in de privés­feer. Alleen Roel Jansen is open­baar les gaan geven.
Roel Jansen geeft Tit Khun-les.
Scroll naar boven